Migratie-expert Flor Didden: ‘Jagen op migranten druist in tegen alles wat ons mens maakt’

Interview

Tien jaar Europees migratiebeleid in vrije val

Migratie-expert Flor Didden: ‘Jagen op migranten druist in tegen alles wat ons mens maakt’

Flor Didden
Flor Didden

Daan Souts

25 april 202619 min leestijd

In tien jaar tijd zag migratie-expert Flor Didden het debat over migratie verharden. In zijn boek Bel me als je daar bent neemt hij het harde Europese optreden op de korrel en gaat hij op zoek naar verhalen die bewijzen dat het ook anders kan.

Eind maart keurde het Europees Parlement een verordening goed om sneller uitgewezen asielzoekers terug te sturen. Volgens de Europese Commissie is dat het sluitstuk van het nieuwe migratiepact, dat deze zomer ingaat.

De omstreden terugkeerwet regelt onder meer dat migranten zonder verblijfsrecht – ook minderjarigen – kunnen worden vastgehouden in detentiecentra buiten de EU. Daarnaast kan Europa een levenslang inreisverbod opleggen aan wie niet meewerkt. Het wordt voor mensen op de vlucht kortom nog moeilijker om een lidkaart van Europa te krijgen.

Voor Flor Didden komt dit niet als een verrassing. Al meer dan tien jaar volgt hij voor koepelorganisatie 11.11.11 het thema migratie op. Sinds 2015, toen het aantal asielaanvragen in Europa piekte, zag hij het migratiedebat radicaliseren. De verschuiving in de politiek voelde Didden ook op menselijk vlak.

‘Ik kan niet zeggen dat in 2015 alle vluchtelingen welkom waren, maar de stemmen die pleitten voor solidariteit waren nog meer aanwezig. Denk maar aan Merkels befaamde “Wir schaffen das”. Sindsdien is de menselijkheid volledig uit het debat verdwenen en kun je spreken van een race to the bottom, met pushbacks en andere vormen van mishandeling.’

Die ontmenselijking is precies wat hem motiveerde om het boek Bel me als je daar bent te schrijven. Daarin ontleedt hij niet alleen het harde optreden van Europa en zijn partnerlanden, maar geeft hij ook voorbeelden van hoe mensen migratie op een humane manier proberen aan te pakken.

Dublinprocedure

Een van de pijnpunten van hoe Europa migratie organiseert, maakt u duidelijk in uw boek, is de Dublinverordening III: het eerste land waar een asielzoeker het Schengengebied binnenkomt, is verantwoordelijk voor de procedure. Waarom komt daar zoveel kritiek op?

Flor Didden: ‘De Dublinprocedure schiet fundamenteel tekort omdat bepaalde landen aan de rand van Europa, zoals Griekenland en Italië, louter door hun geografische ligging bijna de volledige verantwoordelijkheid dragen. Ik trek daarbij de parallel met de NAVO-norm voor defensiebudgetten. Daar is het mantra dat wie bij de club hoort, moet bijdragen.’

‘Binnen Europa zou een gelijkaardige logica voor migratie moeten gelden. In een systeem waarbij een beperkt aantal landen alle verantwoordelijkheid dragen, zullen sommige staten onvermijdelijk zoeken naar manieren om die verantwoordelijkheid te ontlopen. Dat is wat we de afgelopen tien jaar telkens opnieuw hebben gezien. Landen als Griekenland en Italië proberen hun verantwoordelijkheid te ontlopen door bewust ontoereikende opvang en illegale pushbacks.’

Eind juni treedt het nieuwe Europese migratiepact in werking. Zal dat wél een oplossing bevatten voor een betere spreiding van migranten over de EU?

Flor Didden: ‘Zeker niet. Er is niets dat landen zoals Hongarije, dat in 2024 officieel 29 asielaanvragen had, verplicht om meer inspanningen te doen. Daarom hebben wij met 11.11.11, en een groot deel van het middenveld, van bij het begin gepleit voor een verplicht spreidingsmechanisme. Het idee is dat mensen die aan de buitengrenzen van Europa aankomen automatisch en op een eerlijke manier over de lidstaten worden verdeeld, rekening houdend met factoren zoals bbp en bevolkingsgrootte.’

Is dat ooit een realistisch plan geweest?

Flor Didden: ‘Dat voorstel heeft daadwerkelijk op tafel gelegen maar het werd snel afgevoerd omdat veel landen er niet aan wilden meewerken. In de plaats daarvan is er nu een systeem van “flexibele solidariteit”. Dat betekent dat landen ervoor kunnen kiezen om geen asielzoekers op te nemen en zich in plaats daarvan “vrijkopen” met een financiële bijdrage.’

Werkt dat systeem?

Flor Didden: ‘Bijna niemand kiest ervoor om mensen op te vangen. De meeste landen opteren voor die afkoopsom. Daardoor blijft de druk geconcentreerd in landen zoals Griekenland en Italië.’

‘Ook België heeft beslist om geen mensen op te nemen met dit spreidingsmechanisme. In werkelijkheid zijn er maar twee landen die zich echt engageren: Duitsland en Frankrijk. De meeste andere landen hebben aangegeven niet deel te willen nemen.’

80.000 pushbacks

Europa besteedt zijn grenscontrole meer en meer uit door deals te sluiten met onder meer Tunesië, Libië, Turkije en Egypte. Hebben deze deals iets opgebracht?

Flor Didden: ‘De blauwdruk was de migratiedeal met Turkije uit 2016. (Die deal kwam erop neer dat, in ruil voor Europees geld, visumvrij reizen voor Turkse burgers en de hervatting van de EU-toetredingsonderhandelingen, alle irreguliere migranten die via Turkije de Griekse eilanden bereikten, teruggestuurd werden naar Turkije; red.) Sindsdien heeft het Europese beleid daar grotendeels op voortgebouwd. Libië is misschien het meest extreme voorbeeld, omdat je daar de donkerste kant van het Europese migratiebeleid ziet.’

‘Samenwerking met landen buiten Europa is op zich onvermijdelijk. Maar de kernvraag is: wat is het doel van die samenwerking? Als het erop neerkomt dat Europa vooral investeert in grensbewaking, zoals het leveren van jeeps en boten, terwijl we weten dat die middelen kunnen bijdragen aan mensenrechtenschendingen, dan is dat onaanvaardbaar.’

Hoe kan dat beter?

Flor Didden: ‘Waar het debat veel meer over zou moeten gaan, is de uitbouw van degelijke beschermingssystemen in die partnerlanden. Zo zou een land als Tunesië een volwaardig asielsysteem moeten ontwikkelen, zodat mensen daar ook bescherming kunnen krijgen. In Turkije bestaat er op papier al een vorm van tijdelijke bescherming voor Syriërs, maar ook dat systeem wordt steeds meer uitgehold.’

‘Europa zou veel sterker moeten inzetten op het ondersteunen en financieren van zulke lokale beschermingsmechanismen. De slogan “opvang in de eigen regio” wordt vaak gebruikt, maar in de praktijk blijft die ambitie grotendeels dode letter. Integendeel, we zien harde besparingen op ontwikkelingssamenwerking, waar zich net de budgetten bevinden die nodig zijn om zulke systemen uit te bouwen.’

‘De gevolgen daarvan zijn nu al zichtbaar. Organisaties zoals de VN-Vluchtelingenorganisatie en het Wereldvoedselprogramma, die essentieel zijn voor opvang en ondersteuning ter plaatse, worden zwaar getroffen. Ook beslissingen over bijvoorbeeld USAID (het Amerikaanse Agentschap voor Internationale Ontwikkeling werd door Trump, alvast tijdelijk, stopgezet; red.) hebben een enorme impact op de situatie van vluchtelingen wereldwijd.’

De misgelopen deal met Rwanda bewijst dat de uitbesteding van migratie allesbehalve vanzelfsprekend is. Toch blijft Europa daarop inzetten.

Flor Didden: ‘Europa wil dat het probleem elders wordt aangepakt, dat andere landen het oplossen. Dat is zowat het enige waar binnen de EU wél consensus over bestaat. Die logica keert steeds terug, of het nu gaat om terugkeerhubs, de deal met Libië of andere akkoorden, het komt neer op het uitbesteden van verantwoordelijkheid.

‘De deal van Italië met Albanië is daar een voorbeeld van. Er is uiteindelijk maar een handvol mensen naartoe gebracht, terwijl er enorme diplomatieke en financiële middelen in zijn geïnvesteerd. Tegelijk zijn er ernstige klachten van mensen die er werden vastgehouden, met verhalen over erbarmelijke omstandigheden, geweld en zelfmoordpogingen. Bovendien heerst er een grote ondoorzichtigheid over wat er in die centra gebeurt en worden journalisten er actief geweerd.’

‘Dat roept de indruk op dat Europa zich bewust is van hoe problematisch deze praktijken zijn. Maar zolang men die richting blijft volgen, kom je telkens opnieuw in zulke situaties terecht. En het is zeer de vraag of deze deals ooit echt zullen werken.’

‘Hetzelfde geldt voor de deal met Rwanda, die een gelijkaardige logica volgt. Ook daar is uiteindelijk niemand gedwongen overgebracht. Voor zover er al mensen vertrokken zijn, gebeurde dat vrijwillig. Toch lijkt dit type akkoord de komende jaren alleen maar belangrijker te worden. De Europese Commissie heeft deze praktijk eigenlijk al goedgekeurd, waardoor het waarschijnlijk is dat er steeds opnieuw naar dit soort externe deals zal worden gezocht.’

In die zin verwijzen Europese leiders vaak naar Australië als een “geslaagd voorbeeld” van goed immigratiebeleid. Hoe kijkt u daarnaar?

Flor Didden: ‘Australië werkt met een soort gevangenismodel, waarbij migranten vastgehouden worden op eilanden. Maar die situatie kun je moeilijk vergelijken met de Europese Unie, vooral wat de schaal betreft. Australië kende enkele duizenden aankomsten per jaar, terwijl het in Europa in 2024 om ongeveer een miljoen mensen ging. De uitdaging is dan ook om een land te vinden dat bereid is om zelfs maar tienduizenden mensen op te vangen en dat bovendien op een menswaardige manier te doen. Als Europa draag je uiteindelijk ook de verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat zulke opvang correct en humaan gebeurt.’

Hoe “humaan” en “correct” is Europa nog? In het recente rapport dat u opstelde voor 11.11.11 meldt u meer dan 80.000 pushbacks in 2025. Die praktijk is in strijd met het internationaal en Europees recht. Hebben rechtbanken nog iets te betekenen als hun vonnissen keer op keer worden genegeerd?

Flor Didden: ‘Ik denk dat voor veel mensenrechtenorganisaties de rechtbank nog de enige manier is om mensen te beschermen. Wat daarbij opvalt, is dat in verschillende landen - zoals Griekenland en Polen - het bijzonder moeilijk is om op nationaal niveau nog gerechtigheid te vinden. De rechtsgang zit er vaak vast omdat dossiers niet onderzocht of eindeloos uitgesteld worden. Organisaties en betrokkenen voelen zich daardoor genoodzaakt om naar het Europees Hof te stappen.’

‘Waar er in Griekenland bijvoorbeeld geen sprake zou zijn geweest van schendingen, oordeelt het Europees Hof dat die er wél degelijk waren en dat de getuigenissen kloppen. Een belangrijk voorbeeld is de uitspraak van januari 2025, waarin het Hof niet alleen bevestigde dat er in die specifieke zaak sprake was van illegale pushbacks, maar ook voor het eerst erkende dat het om een systematische praktijk gaat. Het enige wat je kunt hopen, is dat zulke uitspraken ook effectief een verschil maken.’

mensen in een kerk tijdens de boekvoorstelling van 'Bel me als je daar bent', door Flor Didden

De drukbezochte boekvoorstelling van Bel me als je daar bent in de Begijnhofkerk in Brussel.

De ene vluchteling is de andere niet

U schrijft dat de migrant ongewenst, maar eigenlijk onmisbaar is, omdat heel wat landen kampen met een vergrijzende bevolking. Dat besef begint stilaan door te dringen, zelfs bij migratiehardliners als Giorgia Meloni en Victor Orbán?

Flor Didden: ‘Ja, dat is precies de paradox van het hele migratiedebat. Orbán beweert dat er nul migranten in Hongarije zijn, terwijl het land tegelijk vrij hoge cijfers heeft voor arbeidsmigratie van buiten Europa om de vergrijzing te compenseren. Er wordt nauwelijks openlijk over gecommuniceerd. Deze mensen zijn er wel, maar blijven aan de rand van de samenleving, met weinig rechten en zonder uitzicht op staatsburgerschap.’

‘Als je je eigen bevolking voortdurend ophitst tegen migranten en een sterk anti-migratiediscours verspreidt, terwijl diezelfde migranten wel zichtbaar aanwezig zijn, creëer je een onhoudbare situatie.’

Is het daarom zinvoller om, zoals premier Pedro Sánchez in Spanje doet, open en eerlijk te zijn en erkennen dat migratie nodig is, én die op een goede manier organiseren?

Flor Didden: ‘Dat is alleszins een voorbeeld van pragmatisch en doordacht bestuur. Wat in Spanje ook opvalt, is dat die aanpak steun krijgt van bijvoorbeeld burgemeesters van conservatieve partijen. Zij zien dat hun dorpen leeglopen, dat er arbeidskrachten nodig zijn, en dat regularisatie van mensen zonder wettig verblijf een slimme manier is om mensen in het legale circuit te brengen. Uiteindelijk wint iedereen bij zulke maatregelen.’

Kan dat ook een voorbeeld zijn voor ons land?

Flor Didden: ‘In België ligt dat vandaag politiek bijzonder gevoelig. In het verleden zijn er wel regularisaties geweest, maar momenteel is er, zeker in Nederlandstalig België, geen enkele partij die daar echt voor pleit. Nochtans zijn er sterke argumenten voor. Er verblijven hier meer dan 100.000 mensen zonder wettig statuut. Die mensen werken ook vaak. Als je hen in het legale circuit zou opnemen, zou dat volgens mij een positieve stap zijn. Bovendien is het weinig realistisch om te denken dat al die mensen werkelijk teruggestuurd kunnen worden. Dat beseffen beleidsmakers zelf ook.’

Na het uitbreken van de oorlog in Oekraïne bleek nochtans dat het anders kon. Oekraïense vluchtelingen kregen massaal papieren op legale manier, terwijl Syrische vluchtelingen die optie niet hadden.

Flor Didden: ‘Voor de Oekraïners werd meteen een systeem van tijdelijke bescherming geactiveerd. Ik denk dat dat sowieso de enige juiste beslissing was. Het is een mooi voorbeeld van hoe je zoiets hoort uit te voeren. Die mensen hebben geen smokkelaar moeten betalen en gevaarlijke routes moeten nemen. Ze hebben evenmin massaal op straat moeten slapen in Brussel. Dat is allemaal onmiddellijk aangepakt. De ongelijke behandeling werd pijnlijk duidelijk.’

Waarom lukt dat wel bij de ene groep vluchtelingen en niet bij de andere?

Flor Didden: ‘Dat heeft voor een stuk een racistische grondslag, denk ik. Er wordt in het migratiebeleid op een heel andere manier naar witte mensen gekeken dan naar mensen van kleur. Dat werd bij de oorlog in Oekraïne heel expliciet. Afrikaanse studenten uit Oekraïne werden, ondanks geldige documenten, aan de Poolse grens tegengehouden, terwijl Oekraïense burgers voorrang kregen. Voor de mensen die vluchten voor de oorlog in Soedan wordt bijvoorbeeld heel weinig gedaan. Dat zegt veel over wie wij als “nabij” beschouwen.’

Nooit opgeven

In uw boek besteedt u ook veel aandacht aan ngo's en vluchtelingenorganisaties die in het gat springen van overheden die immigratie simpelweg niet kunnen of willen regelen. Stemt u dat hoopvol?

Flor Didden: ‘Ja, absoluut. Ik werd bij het schrijven van dit boek vaak heen en weer geslingerd tussen de hardheid van het beleid en de moedeloosheid die dat soms opriep, en de hoop die ik voelde bij het zien van zoveel engagement. Wanneer je in contact komt met mensen en organisaties, die in omstandigheden werken die voor ons bijna ondenkbaar zijn, en je ziet dat zij toch resultaten boeken en mensen echt vooruit kunnen helpen, zelfs in zeer repressieve en intimiderende contexten, dan geeft dat wel hoop.’

‘Een van de mensen die ik daarbij graag noem, is Danusja, een vrouw van inmiddels 76 die tijdens het communistische regime in Polen al in het verzet zat. Vandaag is ze actief in de bossen nabij de Belarussische grens, waar ze vluchtelingen helpt die Polen proberen te bereiken. Zij vertelde mij dat de repressie tijdens het communisme nog zwaarder was dan vandaag. Dus ik ga de hoop niet opgeven. Er is maar een kleine vonk nodig om solidariteit opnieuw te doen oplaaien. Als mensen zoals zij het geloof blijven behouden, denk ik niet dat wij de luxe hebben om de hoop op te geven.’

Deze mensen en organisaties moeten het wel rooien met steeds minder middelen, terwijl hun werk vaak wordt gesaboteerd.

Flor Didden: ‘Dat klopt. Het is eigenlijk ongelofelijk om te zien hoe zelfs organisaties als Artsen zonder Grenzen zo hard geviseerd worden, louter omwille van het humanitaire werk dat ze doen. Organisaties die zich bezighouden met juridische ondersteuning en bescherming van mensen krijgen het vaak nog zwaarder te verduren, met meer intimidatie en zelfs criminalisering.’

‘Dat creëert een sfeer waarin mensen extreem voorzichtig moeten zijn. Telefoons worden afgeluisterd en het risico op vervolging is reëel. Zelfs al leiden processen vaak tot niets, ze slepen wel jarenlang aan en hebben zo een sterk afschrikkend effect.’

‘Heel recent was er nog een uitspraak in de zaak rond Seán Binder en Sarah Mardini, reddingswerkers die enkele jaren geleden actief waren op Lesbos. Zij deden puur humanitair werk, maar werden beschuldigd van mensensmokkel en andere zware feiten. Uiteindelijk zijn ze vrijgesproken, net als de anderen betrokkenen.’

‘Maar de impact van zo’n zaak is groot. Niet alleen hebben die mensen jarenlang in onzekerheid en angst geleefd, het zorgt er ook voor dat je wel twee keer nadenkt vooraleer je nog hulp biedt aan vluchtelingen.’

Heeft dat ook een verlammend effect op die solidariteit?

Flor Didden: ‘Ongetwijfeld, maar wat mij ook opvalt, is dat hoe harder de repressie, hoe meer mensen in het verzet komen. Als het beleid openlijk gruwelijk wordt, groeit het verzet mee. Dat zagen we ook in de Verenigde Staten, met de ICE-protesten en die heel gewelddadige beelden. Ik had nooit gedacht dat Trump op migratie, zijn eigen thema, zo in het defensief kon worden gedrukt. Hij moest een minister ontslaan en trok zich terug uit Minnesota. Dat hadden weinig mensen zich kunnen inbeelden.’

‘In sommige situaties kan net die hardheid mensen overtuigen dat daar hun engagement nodig is, dat de strijd daar gevoerd moet worden. Migratie is de hoeksteen waarop autoritaire regimes groot worden, dus het is ook wijs om net op dat thema actie te voeren. Je kan er simpelweg niet omheen.’

‘De grenswachters maken geen kans tegen die jonge mensen met een onuitputtelijke drang om levens te redden’, zegt Danusja in uw boek. We mogen nooit opgeven.

Flor Didden: ‘Precies. Danusja gelooft sterk in de kracht van zowel jonge als oude mensen, bij vluchtelingenorganisaties en ngo’s om met een ontzettend grote motivatie levens te redden. Die wil is sterker dan de wil of capaciteit van de grenswachters of kustwachters om mensen neer te knuppelen en de grens over te duwen.’

‘Een activiste die ik sprak over een incident aan de grens, beschreef hoe agenten daar werken alsof het om een klopjacht gaat. Ze bakenen een stuk bos af waarvan ze denken dat er migranten zitten, en trekken er dan met bivakmutsen doorheen. Op zulke momenten lijkt alle menselijkheid verdwenen.’

‘Diezelfde activiste vertelde ook dat ze zelf hardhandig werd aangepakt, geboeid en afgevoerd. Tegelijk komt ze soms grenswachters tegen die haar herkennen en zeggen: “Het is goed dat jullie er nog zijn, om hier tenminste nog een beetje menselijkheid te brengen.” Dat toont hoe tegenstrijdig het ook voor hen moet aanvoelen. Want uiteindelijk doet niemand zo’n job graag. Jagen op mensen druist in tegen alles wat we als mens normaal vinden.’

covver van het boek 'Bel me als je daar bent’, van Flor Didden

Bel me als je daar bent, door Flor Didden is uitgegeven door EPO, 2026. 264 blz. ISBN 978 94 626 7593 3

Word proMO*

Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.

Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.

Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.

Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.

Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief.

Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.

Per maand

€4,60

Betaal maandelijks via domiciliëring.

Meest gekozen

Per jaar

€60

Betaal jaarlijks via domiciliëring.

Voor één jaar

€65

Betaal voor één jaar.

Ben je al proMO*

Log dan hier in